Zoeken in deze blog

maandag 3 augustus 2026

Eglise de Transfiguration te Cressé (Charente-Maritime 17)

 Eglise de Transfiguration

te Cressé
















Bijlagen.
-https://www.google.com/maps/d/viewer?mid=1jmyfHynIAjiqSPviHL0K_-MTB0M&ll=45.88026562030248%2C-0.24274145898436683&z=11

Eglise Saint-Vivien te Bagnizeau (Charente-Maritime 17)

 Eglise Saint-Vivien 

te Bagnizeau


Beschrijving.
Volgens Jean Texier werd deze kerk omgeruild tegen deze van Courcelles, die aan de abdij van Saint-Jean-d'Angely werd geschonken.
Het gebouw heeft een zeer eenvoudige plattegrond met een éénbeukig schip dat in het oosten uitmondt in een apsis, voorafgegaan door een rechte travee. Eveneens aan de oostzijde is op de muren van het schip een vierkante toren gebouwd. 
Het oudste deel van het gebouw lijkt het schip te zijn.  Het is opgetrokken uit zeer onregelmatig breukstenen en is meerdere keren hersteld; het zou deel kunnen uitmaken van een gebouw uit de vroege romaanse periode.  De apsis en de rechte travee zijn later herbouwd met mooi, regelmatig metselwerk. Aan de buitenkant ondersteunen aangebouwde halve zuilen een uitstekende kroonlijst met zeer sober versierde modillons.




Binnenin werd de apsis voorzien van een  halfkoepel welke rust op een gordelboog.  Vervolgens werd, met het oog op de bouw van een toren, het oostelijke uiteinde van het oude schip aangepast door aan de binnenzijde, zowel aan de noord- als aan de zuidzijde, dikke, goed gestapelde massieven van metselwerk aan te brengen en de muren aan de buitenzijde te verstevigen met dikke steunberen.  Over deze massieven werd vervolgens een spitsbooggewelf gespannen, dat aan de zijde van het schip werd versterkt door een gebroken gordelboog met dubbele gording, die via vier prachtige kapitelen op aangezette halfzuilen terugvallen. 


Waarschijnlijk werd tijdens dezelfde verbouwing in het schip een reeks pilasters van mooi metselwerk aangebracht, die bedoeld waren om de muren te versterken en ongetwijfeld een gewelf moesten dragen. Ten slotte werd de westgevel herbouwd in mooi, regelmatig metselwerk en voorzien van een gebeeldhouwd portaal.
Het gebouw liep veel schade op; het gewelf van het schip, dat verdwenen was, werd vervangen door een dakconstructie die werd gedragen door een laag muurtje op de steunmuren; de gevel werd boven het portaal herbouwd en de vierkante toren werd meerdere malen verbouwd.
Het gebouw bevat nog steeds beeldhouwwerken uit de romaanse periode in de apsis en op de westgevel. De kapitelen aan de buitenkant van de apsis, evenals die in het schip ten oosten van de toren, zijn versierd met bladmotieven of vlechtwerk; het betreft ontwerpen met een zeer sobere stijl.





De kapitelen onder de toren aan de westzijde zijn van veel betere kwaliteit; daarop zijn gevleugelde draken te zien die zich twee aan twee verenigen in één enkele kop op de hoeken, en op een prachtig kapiteel met historische voorstellingen aan de zuidzijde zijn vrij raadselachtige gevechtsscènes afgebeeld waarin verschillende vrouwelijke personages voorkomen.  
De archivolte van het westelijke portaal wordt gevormd door twee booglijsten, omgeven door een uitstekende cordonlijst waarop afwisselend vogels, draken en leeuwenkoppen zijn afgebeeld. De buitenste booglijst is versierd met S-vormige, gebogen kordonlijsten die eindigen in palmetten; beide zijn bedekt met meerdere rijen parels.







Op de binnenste booglijst zijn dieren te zien die radiaal op de boogstenen zijn geplaatst, soms op één steen, soms op twee. Links zijn twee centauren met een fraai bebaard gezicht te herkennen, gevolgd door leeuwen, vogels en gevleugelde draken in verschillende houdingen. De twee kapitelen waarop de buitenste booglijst rust, zijn aan de rechterkant versierd met twee gevleugelde draken en aan de linkerkant met twee leeuwen.










Hoewel de afgebeelde motieven vaak zijn ontleend aan die van de bovenste booglijst van het zuidelijke portaal van het transept van Aulnay, is de stijl van de beeldhouwwerken op de westgevel van Aulnay anders. Bovendien bevestigen de plantenversieringen op de bovenste booglijst deze overeenkomst. Het lijkt er dus inderdaad op dat deze werken van Bagnizeau in de jaren 1150 moeten worden gedateerd.

Bronnen.
- Michèle Gaborit in "La sculpture romane en Saintogne"; Editions Christian Pirot; 1998.
- Christian Gensbeitel in "Promenades romanes en Saintogne"; Geste Editions; La Crèche 2017.
- Sophie Esla Goillot in "Guide des églises romanes; Charente-Maritime"; Editions le Passage des Heures; Saint-Savinien-en-Charente 2013.




Bijlagen.